( gedeelte uit ) Docentenhandleiding Objectwijs in de klas

 

Het lesmateriaal 2020-2021 Objectwijs bestaat uit:

 

1 Objectwijskaarten-set thema Mayflower/de Reis van de Pilgrims

3 overstijgende Objectwijsthema's die uit dit thema voortvloeien:

- Objectwijskaarten-set Vrijheid

- Objectwijskaarten-set Identiteit

- Objectwijskaarten-set Participatie

Alle thema's zijn uitgewerkt in object-analysekaarten en bronkaarten en etnografische onderzoeks-kaarten(object-interview), 

waarvan 1 versie toegespitst op PO en 1 versie toegespitst op VO.

Daarnaast zijn er Objectwijs uitwerkingskaarten (ontwerpen & tentoonstellen of debat) beschikbaar

Bijbehorend materiaal:

-Aantal fysieke objecten of afbeeldingen van objecten per thema die gelinkt zijn aan museale tentoonstellingen of ( historische) objecten 

in eigen stad (“Leiden, stad van ontdekkingen”).  

-QR stickers

-Begeleidende video's voor de leerlingen   

Werkvormen en toepassing Objectwijs   

Inleven in een persoon

Eén leerling ( of een groepje leerlingen) kan de persoon

zijn van wie het object was. Laat de leerling zich inleven in die persoon.

Zorg dat het iemand is die de leerling kent en die in de lessen

besproken is.

Laat de anderen vragen stellen aan 'die persoon' en zijn object.

Eigen Object

Laat leerlingen zelf een object van thuis meenemen

( bv in het thema identiteit) en met de onderzoeksvragen aan de slag

gaan bij dit thema, die zich ervoor lenen om op verschillende objecten

toegepast te worden. 

Objecten als klein museum of tentoonstelling in de school

* Objecten in een vitrine plaatsen (met QR-code verwijzend

 naar Objectwijs filmpjes). Leerlingen mogen op hun mobiele

telefoon of met schooltablets de codes scannen en komen dan

bij de Objectwijsfilmpjes die hen verder aan de hand nemen/

aanwijzingen geven in hun onderzoek. 

* Maak een tentoonstellingswand van objectafbeeldingen aan de muur (met QR-code verwijzend naarObjectwijs filmpjes).Leerlingen mogen op hun mobiele telefoon of met schooltablets de codes scannen en komen dan bij de Objectwijsfilmpjes die hen verder aan de hand nemen/aanwijzingen geven in hun onderzoek.  

Speurtocht

Een speurtocht door de school door de afbeeldingen op verschillende plaatsen in de school te hangen

Sandbox

Creeer een ' Sandbox' * met meerdere klassen en docenten uit verschillende vakken en ga gezamelijk aan de slag met een hoofdvraag in onderzoek. De docenten doen zelf ook mee! 

* Een sandbox is een virtuele afgesloten ruimte op een computer waarin computerprogramma's kunnen werken zonder andere processen te verstoren. Wij gebruiken het woord Sandbox voor het creeren van een ruimte waar docenten en leerlingen vanuit verschillende vakken met elkaar aan de slag kunnen gaan zonder dat de rest van de school daar hinder van ondervindt. Hierbij kun je denken aan leerlingen uit verschillende klassen van verschillende niveau's die op dezelfde tijd hun eigen vakspecifieke les zouden hebben, maar nu allemaal op die tijd samen komen in de Sandbox om vanuit het vak wat ze zouden hebben met een object en de overkoepelende hoofvraag aan de slag te gaan. Hierdoor verbindt je leerlingen van verschillende niveau's, docenten van verschillende vakken en onderwerpen vanuit verschillende vakgebieden met elkaar. In een daaropvolgend stadium kun je er ook voor kiezen juist de vakspecifieke vragen onderling te wisselen, zodat de aardrijkskundedocent een onderwerp eens vanuit biologie benadert. 

Roaming Objects

Leerlingen brengen hierbij zelf het object in de klas in. Bij de vitrine of tentoonstelling hangt een lijst. Leerlingen vormen zelf groepjes die samenwerken en mogen zelf invullen hoe. Belangrijk is dat alle vakspecifieke vragen in de vaklessen beantwoord gaan worden door het object van keuze mee te nemen de klas in (met de bijbehorende vragen) en vervolgens dit object te laten rouleren door de verschillende vakken tot alle vragen beantwoord zijn. Je hebt nu antwoorden op de overkoepende hoofdvraag vanuit de verschillende vakken. Je kunt leerlingen dit aan elkaar laten presenteren in een bijeenkomst waar de docenten vanuit de verschillende vakgebieden ook samenkomen of de antwoorden zichtbaar maken op een scherm. De antwoorden kunnen ook door de vakdocent zelf in de klas besproken worden, maar dan wel alle antwoorden, ook vanuit de andere vakken, waardoor er ook ruimte ontstaat voor de docent zelf om meer buiten de 'vakkaders' te gaan werken. Het object mee een vakles innemen geeft jou als leerling de mogelijkheid je eigen onderzoekende houding mee te nemen de klas in. Het reizen van een object door verschillende vakken maakt vakoverstijgend leren mogelijk.

Roaming Objects deel 2: het 'reizen' door de verschillende vakken is voor het object een belevenis. Stel naderhand vragen aan het object door middel van een object interview: hoe heeft het object dit beleefd? Welke nieuwe verhalen ontstaan er? 

Wordt Object-ambassadeur

* Leerlingen die objectonderzoek hebben gedaan in andere klassen hierover laten vertellen/presenteren met het object  

* Een groepje leerlingen met het object op pad laten gaan naar een andere school om daar het object en zijn onderzoeksresutaten te presenteren ( in overleg tussen docenten/verschillende scholen). Dit kan ook leuk zijn van een PO school naar VO school of van een VO school naar een PO school!

Een mogelijkheid is om dat object achter te laten op de betreffende school ( met de bijbehorende Objectwijsvragen) en op een later tijdstip met het groepje terug terug te keren en dan andersom van deze leerlingen hun presentatie te horen. Eventueel kan het 'nieuwe' groepje ook weer op pad naar een andere school. Zo werken leerlingen zelfs schooloverstijgend en hebben zelf eigenaarschap. Indien er weinig mogelijkheid is tot het fysiek delen kan er ook voor gekozen worden om dit proces via video-overdracht uit te voeren. Hierbij kunnen de leerling ambassadeurs zelf op hun mobiele telefoon of schooltablets de video's opnemen. 

Object-interviews

Het houden van object-interviews die niet gebonden zijn aan onderzoeksvragen om creativiteit te stimuleren. Laat leerlingen zelf een creatieve manier bedenken hoe ze de interview-antwoorden gaan delen/zichtbaar maken. 

Objectwijs onderzoek kan zowel uitgebreid als in korte momenten uitgevoerd worden, omdat de kaartenset mogelijkheid biedt om zoveel kaarten (en dus vragen) in te zetten als gewenst. 

Dit maakt Objectwijs ook goed inzetbaar: 

1) als onderdeel in de lessen: een onderbreking als de focus bij leerlingen wegzakt 

2) als inspiratiebron of aanleiding in de opening van een les  

3) als afronding aan het eind van een les  

Antwoorden op de vragen visueel zichtbaar maken

Digitale collage maken

Gevonden antwoorden op de vragen kunnen online verwerkt worden tot een collage op https://learninglab.si.edu/ 

In debat

Laat leerlingen met elkaar in debat gaan door de antwoorden die zij hebben gevonden in de vakspecifieke vragen als argument inzetten om de overkoepelende hoofdvraag te beantwoorden in stellingvorm.

Maak een tentoonstelling

Jouw leerlingen hebben laten zien dat ze ontdekkers en onderzoekers zijn. Laat de antwoorden op de vragen een inspiratie zijn voor toekomstbewust denken.

Ga met je leerlingen aan de slag met Ontwerpend leren/Maakonderwijs & Digitale Geletterdheid. Maak samen een echte tentoonstelling. Hoe kun je oude objecten of objecten van nu 'futureproof' maken? Gebruik de Objectwijs Ontwerpkaarten om je leerlingen aan de slag te laten gaan met sensors, Augmented Reality en andere designtechnieken. Laat ze het 'futureproof' object ontwerpen in 3D, visueel zichtbaar maken of een replica maken met nieuwe functies. En presenteer de 'nieuwe' objecten in een echte tentoonstelling op school. 

Makers van Morgen kunnen ondersteuning bieden bij uitvoering in de klas én een fysieke link maken naar cultuur buiten de klas door:

- Leerlingen met Objectwijs voor te bereiden op en deel te laten nemen aan het Museumdebat in verschillende deelnemende Leidse musea.

- De tentoonstelling plaats laten vinden op een andere plaats dan binnen de school, bv in een museum of openbare ruimte. 

- Na onderzoek van een aantal objecten de klas een rondleiding door een museum met Makers van Morgen te laten doen of de Pilgrimroute door Leiden met Makers van Morgen en de door hen onderzochte objecten op afbeeldingen in het echt bewonderen. Het kan ook motiverend werken voor de leerlingen om dit in te zetten als 'prijs' na een wedstrijd werkvorm. 

Werken met verschillende moeilijkheidniveau's Objectwijs   

In de objectwijskaartenset zitten moeilijkere en makkelijkere vragen. De docent kan kiezen welke vragen voor welke leerlingen op een bepaald moment geschikt zijn. Meer of minder vragen kunnen ingezet worden. De docent kan bepalen met welke vragen aan de slag gegaan wordt. De docent kan ook de leerlingen zelf het eigenaarsschap geven en laten kiezen met welke objecten én met welke vragen ze aan de slag willen gaan. 

Daarnaast kan de docent ook een keuze maken in het aanreiken van bronnen. De docent kan gericht de bronnen die bij de vakspecifieke vraag horen aanreiken of juist meerdere bronnen tegelijk waarin leerlingen zelf moeten zoeken welke bron bruikbaar is om hun vraag te beantwoorden. De docent kan ook de leerlingen zelf op zoek laten gaan naar aanvullende informatie op het internet.

Objectwijs biedt naast bronnen in het Nederlands ook bronnen in het Engels, Latijn en anderstalig bronmateriaal. Hierdoor vind integratie van talen plaats in andere leergebieden en werkt Objectwijs ook vakoverstijgend tussen taal en andere vakken. 

Mail ons

Objectwijs: waar verleden, heden en toekomst elkaar ontmoeten

© 2019 Makers van Morgen